Stoppen met slaappillen.

Beëindig je gebruik van slaapmiddelen op een veilige manier

Één op de tien Nederlanders gebruikt een slaapmiddel. Voorbeelden hiervan zijn temazepamoxazepamzopiclon en lorazepam. terwijl de werkzaamheid hiervan – zeker op de lange termijn – ter discussie staat. Als je zelf een tijdje medicatie hebt genomen weet je uit ervaring dat deze nare bijwerkingen hebben en dat je er op de lange termijn vaak niet beter of langer door gaat slapen. Stoppen of afbouwen is dus in veel gevallen een verstandige keuze. Zeker als je op een natuurlijke manier gaat werken aan het verbeteren van je slaap!

Maar dan loop je tegen een probleem aan waar niemand je voor heeft gewaarschuwd. Stoppen met slaappillen geeft klachten. Denk hierbij aan een slecht humeur, onrust en stress, hoofdpijn en – als klap op de vuurpijl – een nog slechtere nachtrust. Deze ontwenningsverschijnselen kunnen heftig zijn. Daarom schuiven veel gebruikers van slaappillen het ‘afkicken’ op de lange baan.

De enige manier om vrij te zijn van slaappillen en hun nare bijwerkingen is om er definitief mee te stoppen. Hieronder krijg je vier tips om de ontwenningsverschijnselen te minimaliseren. Het zal nog steeds niet makkelijk zijn. Maar je doet in ieder geval wat mogelijk is.

Lees ‘het droevige verhaal van Anja en haar spijkermat‘ op de informatiepagina van mijn 7-stappen methode. Ik ben ervan overtuigd dat het je veel frustratie, geld en valse hoop gaat besparen en je laat zien dat er licht aan het einde van de tunnel is.

#1 Bouw de pillen langzaam af

Wil je geen last hebben van slecht slapen, depressieve gevoelens, hartkloppingen of angsten Dan is het beter om niet in één keer te stoppen met het nemen van slaappillen. Want dan kan je last krijgen van bovenstaande problemen. Om nog maar te zwijgen over andere ontwenningsverschijnselen die weliswaar minder vaak voorkomen maar nog erger zijn.

Door de medicatie langzaam af te bouwen, went je lichaam geleidelijk aan een lagere dosis. Hierdoor is de kans op klachten kleiner. Langzaam maar zeker raakt je lichaam weer gewend aan het op eigen kracht slapen. Vanaf dat moment ben je vrij.

Maar voordat je hieraan begint mag je het volgende niet vergeten:

#2 Praat met je dokter

Maak een afspraak met je arts en vertel dat je wilt stoppen. Hij of zij weet welke medicatie je neemt en hoe deze het beste afgebouwd kan worden. Vraag hem om een afbouwschema. Daarin staat precies hoe je de medicatie afbouwt. Meestal duurt dit twee tot vier maanden, maar dit hangt af van de medicatie en je persoonlijke situatie. Op deze manier voorkom je dat je iets doet wat je klachten erger maakt of waardoor je lichaam in de war raakt.

Hieronder krijg je wat extra tips om het afbouwen soepeler te laten verlopen. Deze kun je ook voorleggen aan je arts zodat hij of zij je kan vertellen of deze toegepast mogen worden in jouw situatie.

#3 Maak tijd voor extra rust

Door de medicijnen langzaam af te bouwen is de kans op ontwenningsverschijnselen een stuk lager. Maar mocht je hier toch even last van krijgen, dan is het handig als jij je hebt voorbereid.

Ieder mens heeft zeven tot acht uur slaap per nacht nodig. Plan daarom in dat je ruim voldoende tijd in bed doorbrengt, zodat je deze zeven tot acht uur haalt. En wil je echt veilig zitten? Kies dan om elke dag een (half) uur extra tijd te reserven voor rust.

Krijg je een beetje hoofdpijn of last van duizelingen, twee van de mogelijke effecten van ontwenning? Geef dit door aan je arts en ga daarna lekker liggen om je lichaam extra rust te geven. En wil je er alles aan doen om de rust te krijgen die je lichaam nodig heeft?

#4 Zorg ervoor dat je niet alleen staat

Als je het afbouwschema volgt weet je zeker dat je alles doet om de kans op klachten te verminderen. Mocht je toch last krijgen, dan is het fijn als je het niet alleen hoeft op te knappen. Het is al naar om je een beetje ziek te voelen, maar als je het met niemand kan delen komt daar eenzaamheid bovenop. En dat is voor niemand leuk.

Dus is het goed om daar van te voren een oplossing voor te vinden. Want er zijn genoeg mensen die je willen helpen. Zeker als je ze daar van te voren om vraagt. Je kunt uiteraard bij je huisarts terecht, maar schroom ook niet om een familielid, vriend, kennis of collega te vertellen wat je gaat doen. Als zij weten dat je aan het stoppen bent en daardoor niet zo lekker in je vel zit, kunnen zij je steunen. En dat kan echt een slok op een borrel schelen.

Leave a Reply

Your email address will not be published.